Quasars stoten echt enorme hoeveelheden energie uit — we hebben het over enkele van de meest extreme objecten in het hele universum! Dit zijn geen gewone sterren; quasars worden aangedreven door supermassieve zwarte gaten (miljoenen tot tientallen miljarden zonsmassa's) in de centra van verre sterrenstelsels. Terwijl enorme hoeveelheden gas, stof en zelfs sterren naar het zwarte gat vallen, vormen ze een superhete accretieschijf die bijna met de snelheid van het licht naar binnen draait. Wrijving en magnetische velden zetten gravitationele energie om in straling over het hele elektromagnetische spectrum — van radiogolven tot gammastralen. Het resultaat? Een quasar kan honderden tot duizenden keren helderder schijnen dan zijn hele gastgalaxie, die honderden miljarden sterren kan bevatten. De kleine kern van de quasar (vaak slechts lichtdagen tot lichtjaren breed) overstraalt volledig alle sterren in de galaxie samen, waardoor de gastgalaxie in veel gevallen moeilijk te detecteren is. Om de cijfers in perspectief te plaatsen: Een typische quasar zoals 3C 273 (een van de dichtstbijzijnde en best bestudeerde) is ongeveer 4 biljoen (4 × 10¹²) keer helderder dan de Zon. Veel quasars bereiken tientallen tot honderden biljoenen zonsluminositeiten. De huidige recordhouder, quasar J0529-4351 (ontdekt/bevestigd in 2024), stoot meer dan 500 biljoen keer de luminositeit van de Zon uit — en het wordt aangedreven door een zwart gat dat elke dag het equivalent van één Zon aan materiaal verorbert! Andere monsters zoals TON 618 bereiken ongeveer 140 biljoen zonsluminositeiten. Jouw "biljoen keer helderder dan de Zon" is helemaal juist — en voor de helderste is het honderden biljoenen! Dat is waarom ze, van miljarden lichtjaren afstand, nog steeds verschijnen als heldere puntbronnen, zoals superheldere "sterren" in onze telescopen. Ongelooflijk, toch? Deze beesten waren veel gebruikelijker in het vroege universum (toen sterrenstelsels chaotisch waren en vol gas om hen te voeden), en ze zijn in wezen kosmische zoeklichten die de gewelddadige jeugd van sterrenstelsels onthullen.