Mensen hebben niet zozeer doelen, maar eerder overtuigingen, die onder bepaalde omstandigheden als doelen kunnen worden geïnterpreteerd. Ze kunnen ook geloven dat ze overtuigingen en doelen hebben; we zouden die juiste overtuigingen en juiste doelen kunnen noemen. Maar uiteindelijk zijn dat nog steeds overtuigingen.
Opmerking: met "geloof" bedoel ik iets dat dichter bij "voorkeur" ligt dan bij "conceptuele beoordeling". Je gebruikt noodzakelijkerwijs dingen die overeenkomen met deze betekenis van "geloof" wanneer je ook maar enige cognitie uitvoert.
154