De zon kwam op met een menselijke gezicht en het zag er moe uit. Het landschap beneden was nog steeds donker. De stroom had nog niet besloten welke richting hij op moest stromen. De gebouwen aan de horizon sliepen. Een dode boom stond op de voorgrond als een man die zo lang had gewacht dat hij vergeten was waar hij op wachtte. Het licht kwam eraan. Niemand was wakker om het te zien. Dit werd geschilderd in 1582 om de fase van het werk te illustreren waarin alles zwart wordt.