er is letterlijk niets wat ik niet kan doen. alles. massale assemblage. productengineering. ontwerp. onderzoek. programmeren. solderen. grote machines bedienen. praten met bureaucraten. aannemen. marketing. als het gedaan moet worden voor succes, zal ik het gewoon doen. en ik zal het goed doen.
ik ga winnen. dit is zeker
41